Zelfspot, passie en pret



‘Ik was een heel middelmatig kind’, zeg ik wel eens tegen een vriendin of cursiste.

En dan geloven ze me niet. Hoe goed ze me ook kennen.

Ze willen me ook liever niet geloven. Want tjeminee, als ze dan naar mijn levenscv kijken worden ze al moe bij het idee van zoveel doen en leren.

Liever houden ze koppig vol dat ik zoveel talenten van nature heb, dan hoeven ze ook geen handen of voeten vuil te maken aan modder en tranen en zweet.

‘Dat kan bijna niet. Je was vast altijd al zo bijzonder origineel.’

Dat is wel waar, ik ben altijd wat apart en origineel en afwijkend geweest.

Maar qua cijfers bijvoorbeeld was ik allemachtig middelmatig.

Mijn oudste broer noemde mij zelfs lui omdat ik nergens in uitblonk. Ik was een erg dromerig kind dat liever in een parallel universum verkeerde.

Een rapport vol zessen en zevens, ieder jaar weer, op welk niveau ik ook leerde of studeerde.

Op de lagere school kon ik alleen leren en me concentreren als ik onder mijn tafel met mijn buik op de vloer mocht liggen of vlak bij de meester of bij John Jansens mocht zitten, mijn grote vriend en liefde die altijd dol op me was, in al mijn gezichten en hoedanigheden.

Ik ging via de Mavo en klom langzaam op naar zelfs een Masters aan de Rotterdamse Dansacademie maar ook daar: zessen en zevens.

Ook voor de vakken waar ik nu zo goed in lijk te zijn: beweging, dans, sport, creativiteit, taal.

‘Het komt haar allemaal aanwaaien’, willen mensen graag over me geloven.

Ik weet niet goed waarom ze dat zo’n geruststellende gedachte vinden.

Ik zou dat persoonlijk helemaal geen leuke, inspirerende gedachte vinden dat het bij de een wel en bij de ander niet zou komen aanwaaien.

Wat is dat dan wel niet voor discriminatie-wind?

Bij mij kwam er niets aanwaaien. Ik kon niet goed of als vanzelf tekenen.

Ik was niet goed in abstracte kunst en ook niet in exacte kunst (iets natekenen).

Ik bleek later ongelofelijk veel plezier te hebben in mixed media en fantasy schilderen, figuren die ik niet ken in een soort aparte droom- of sprookjeswereld waar niets helemaal klopt.

Maar zelfs daarvoor ben ik maar liefst acht jaar lang bij een afgestudeerd Minerva kunstenares in de leer geweest.

Tekenen? Jawel, maar ook daarvoor heb ik liggend op een matras en kotsend in het lokaal, hangend in een infuus jarenlang een opleiding gevolgd.

Waarom? Gewoon omdat ik technieken wilde leren die mij meer vrijheid van kunstuiting zouden geven. En dat gaven ze.

Dansen? Ik was vroeger te grof gebouwd, te lang en te lomp voor klassiek ballet.

Ik was zeer gemiddeld. Alleen bij Afrikaanse dans, dat geef ik eerlijk toe, begreep ik direct en bijna als vanzelf wat de bedoeling was.

Ik kreeg bij andere danslessen altijd te horen dat ik te groot danste, te extatisch, te los zat in mijn heupen en gewrichten en bij Afrikaanse dans is dat alles juist de bedoeling.

Alsof mijn ziel eindelijk thuiskwam en zich alles herinnerde uit een vorig leven.

Voor het schrijven van mijn boeken heb ik jarenlange schrijfweken, schrijfcursussen, schrijfopleidingen, schrijfretraites en schrijfboeken gelezen en gevolgd.

Om succesvol mijn eigen bedrijf vorm te geven heb ik allerlei commerciële, zakelijke en marketingtechnische cursussen gevolgd.

Ik maak mijn eigen websites, dat klopt, maar werkelijk niemand in deze wereld is minder technisch dan ik. Daarvoor heb ik een stap voor stap cursus gevolgd bij een van de beste website bouwers in Groningen.

Ik kan een heleboel maar… het is me niet komen aanwaaien.

Al vind ik dat zelf ontzettend magisch klinken als dat wel zo was geweest en geloof me, dan had ik daar heus wat meer over opgeschept.

Alles wat ik nu kan en leef en uitstraal en doe heb ik mezelf met bloed, zweet, tranen, speeksel, nagels, huid en haar toegeëigend. Opgeëist, teruggeclaimd.

Op den duur vond ik die zessen en zevens zo saai. Zo verdomde middelmatig.

Ik wilde meer, hoger en verder en dieper rijken. Niet om mee te pochen, maar gewoon omdat ik het naadje van de ziel, het neusje van de zalm wilde leren kennen.

Ik voelde me als een leerling bij een ambachtelijke meester of meesteres met alle dingen en talenten die ik me toegeëigend heb.

Talent? Ja, voor 10 %.

Voor het overige? Gewoon heel nieuwsgierig en leergierig zijn, heel veel willen leren, kennen en weten, heel veel spelen en stoeien en knoeien, groeien en bloeien. Heel veel vallen, falen en stralen.

Heel veel uitproberen en al schilderend ontdekken dat ik in plaats van een tijger een soort hellemonster heb gecreëerd met een veel te grote kop die eng kijkt.

Lachen, studeren (hoe zien tijgers er eigenlijk uit?) en verder groeien.

En vooral mijn eigen stijl vinden. Dingen doen omdat ik ze echt leuk vind. Dingen leren omdat ik eeuwig leerling van het leven wil blijven.

Schilderijen maken die de vrolijkheid van imperfectie maar toch de alchemie van transformatie vertolken.

Woorden en taal gebruiken om mensen diep te raken en ze een lijn toe te gooien waaraan ze omhoog kunnen klimmen. Dansen om de extase te bereiken.

En eigenlijk is dat de enige reden dat ik dans, hoeveel cursussen ik ook gevolgd heb.

Het zijn mijn magische tripjes, mijn eigen geheime routes naar een kunstzinnig, origineel en energiek (maar vooral droomachtig, mystiek en magisch) bestaan.

Mijn eerste jurk en danskostuum zelf maken? Al op het podium viel het kostuum al dansend uit elkaar. Een vrouw in het publiek kwam mij redden voor een vroegtijdige onthulling die wel erg Burlesque had aangedaan voor een buikdansoptreden.

Buikdansen leren? Ik ging het pas leren toen ik niet meer kon Afrikaans dansen vanwege mijn belabberde knie.

Maar werd bloedfanatiek. Tango leerde ik vooral omdat ik een tijdje gedragen wilde worden toen ik niet zo stevig op mijn eigen benen kom staan.

Hoe ik beter moest worden toen ik zo ziek was? Gewoon een route inslaan waarvan ik wist dat het een kans van slagen had. Heel veel vallen en opstaan en weer doorgaan.

En vooral: heel veel zelfspot.

Niet te serieus, maar spelen.

Spelen.

Spelen.

En nog meer spelen.

Want dat is wel een talent dat me is aan komen waaien en me zelfs jarenlang ver verwijderd hield van de volwassen wereld.

Ik wilde als kind voor geen goud volwassen worden en toen anderen met jongens bezig waren was ik nog aan het spelen.

Het spelen ben ik nooit verleerd.

Alles is voor mij spelen. Omdat ik geloof dat alles wat rijmt als vanzelf dichter bij elkaar komt.

Spelen, strelen, helen, delen.

Meer is er niet nodig.

En de mensen die ik zelf het meest bewonder: ja, sommige dingen komen hun aanwaaien, maar wel omdat ze zelf de deur en ramen hebben geopend.

Voor sommige dingen hebben ze juist hard geknokt of eeuwig naar gezocht.

Ze durven vol te houden, te mislukken, te slagen, succes te hebben en hopeloos te falen.

Ze durven het aan hun eigen magische wereld en leven te beeldhouwen.

Ze durven het aan dat te worden waarvan ze zelf besloten hebben dat ze het willen zijn.

En zijn er gekomen!

Ja, dat zijn mijn idolen.

Ze zijn niet alleen bedekt met modder en stof van alle gekke probeersels en worstelingen in hun leven, ze zijn niet alleen bedekt met diploma’s en medailles van alles wat ze geleerd hebben, maar ze zijn ook vol glitters van een magische wereld die anderen niet zien maar waar ze zo hopeloos naar verlangen.

Ze hebben simpelweg alle deuren van alle mogelijkheden opengezet, zijn bereid te leren en te falen en te zaaien, maar zijn ook bereid hier en daar wat te laten waaien, zodat de elementen toegang krijgen tot hun werk.

En ja, zo denk ik erover.

Ik heb er hard voor gewerkt en toch voelt het alsof ik vooral hartstochtelijk heb gestoeid en gespeeld.

Dat wat ik maak en ben is waarachtig doorleefd, met alles wat mij mens maakt.

En dat wens ik een ander ook.

De grootste misvatting is perfectie.

Passie is onze levensader, passie pompt bloed door onze aderen en laat ons hart sneller slaan. Als je passie hebt zonder talent weet ik zeker dat je het redt, waar je ook maar naartoe wilt. Maar talent zonder passie?

Oei, dat kan ik je niet beloven.

Wacht niet tot iets je aan komt waaien. En als je wel geloof in wonderen die aan komen waaien, zet dan op zijn minst actief de deuren en je hart open zodat je ze niet toevallig misloopt.

Als je ergens naartoe wilt, leer dan zeilen met de wind die je krijgt.

Leer deuren te openen en open te houden, leer van je eigen tekortkomingen in plaats van ze om te zetten in onzekerheid. Maak van je tekortkomingen, van je zessen en zevens je grootste levenskunst.

Waarom eigenlijk verdorie niet?

Zelfspot, passie en pret.

En retteketet, je gaat richting je dromen als een stuntraket.

Column

Recente berichten